Object interactie
In de XR Client kun je interactie hebben met objecten in de omgeving.
Denk hierbij aan het oppakken, verplaatsen en aanraken van objecten.
Interactieve objecten kun je vaak herkennen aan een highlight die verschijnt zodra je je hand of cursor in de buurt houdt.
Oppakken en verplaatsen
Sommige objecten zijn interactief en kunnen worden opgepakt.
Dit zijn bijvoorbeeld tools (zoals een marker of laserpointer) of objecten die als interactief zijn ingesteld.
In XR:
Gebruik de trigger (onder je middelvinger) of maak een pak-beweging met handtracking.
Laat los door de trigger los te laten of je hand te openen.Op Windows:
Houd de rechtermuisknop ingedrukt op een object en beweeg je muis om het te verplaatsen.
Laat los om het object neer te zetten.
Objecten worden op Windows automatisch op de juiste diepte geplaatst tijdens het verplaatsen.
Aanraken
Sommige objecten reageren op aanraking.
In XR:
Raak het object aan met je controller of hand.
Afhankelijk van de setup kan dit met je hand, palm of specifieke vingers.Op Windows:
Beweeg je cursor over het object en klik met de rechtermuisknop om interactie te activeren.
Tools gebruiken
Sommige objecten (zoals een marker of laserpointer) hebben extra functies.
- Gebruik de trekker onder je wijsvinger voor de secundaire actie
(bijvoorbeeld tekenen of de laser aan/uit zetten) - Met handtracking doe je dit door je wijsvinger omhoog of omlaag te bewegen
Deze extra functies zijn alleen beschikbaar in XR.
Verschillen tussen XR en Windows
Op Windows kun je veel van dezelfde interacties uitvoeren als in XR, maar niet alles.